ZAM - voorjaar 2006
artikelfotoSouthern Africa
Een visum is geen reep chocola
1 Mar. 2006
Foto's Nicole Segers

Professoren, kunstenaars en journalisten komen Nederland niet in
Nederland ziet Afrikanen liever gaan dan komen. Dat geldt vooral voor asielzoekers, maar ook kunstenaars en studenten worden buiten de deur gehouden. Menig culturele en wetenschappelijke uitwisseling strandt op problemen bij het aanvragen van een visum. Een noodkreet.
 
In de gangen van de Nederlandse ambassade in Pretoria hangt een portret van een Afrikaan. Een zwarte, met kroeshaar, zonder duidelijke achtergrond of bezittingen. Zonder titel heet het, maar het had beter Zonder verblijfstitel kunnen heten. Als angstbeeld van elke westerse visumdienst vooral van de Nederlandse, zeggen sommigen had het niet op een toepasselijker plek kunnen hangen.
"We weten toch allemaal dat als je uit Afrika komt je op de Nederlandse ambassadeals shit wordt behandeld", denderde het november vorig jaar door de Amsterdamse Koepelkerk. De spreker was professor Peter Geschiere, antropoloog met specialisatie Afrika aan de Universiteit van Amsterdam, en de gelegenheid de uitreiking van een Prins Claus-prijs aan de Zuid-Afrikaanse cartoonist Shapiro. Het was niet de plek om eens een boom op te zetten over het Nederlandse visumbeleid, maar velen in de zaal knikten instemmend.
Geschiere vindt niet dat de Europese grenzen voor iedereen opengegooid moeten worden. "Maar er zijn mensen die wél in aanmerking zouden moeten komen voor een visum, en die komen er ook niet in", zegt hij. De hoogleraar, die veel samenwerkt met Afrikaanse academici, kan de gevallen van verspilde tijd, geld en moeite om een Afrikaan te laten overkomen nauwelijks tellen. "Om een student uit Kameroen hier te krijgen voor een uitwisseling is bijkans onmogelijk. Een tijd lang was de Nederlandse ambassade daar gesloten en moesten de studenten persoonlijk naar Abidjan, in het naburige Ivoorkust, om daar een visum aan te vragen. Toen de ambassade weer opende, waren er nieuwe eisen. Zo wordt de reisverzekering uit Kameroen niet erkend, dus sluiten we die in Nederland af. Maar dan mag je de polis vervolgens niet faxen, nee, ze moeten de originele polis hebben op de ambassade in Kameroen. Als die wegraakt in de post, is het afgelopen."
Uitgenodigde academici zijn in Geschiere’s ervaring ook wel geweigerd op grond van ‘onduidelijkheden’ in hun papieren. "Maar als je gaat graven, vind je bij iedereen wel onduidelijkheden. Een geboorteplaats die niet klopt. Een verkeerde spelling. Door zoiets kleins gaat je hele evenement de mist in."
Hij heeft over de problemen een aantal malen contact gehad met de visumdienst van Buitenlandse Zaken. "Men schijnt daar te den ken dat alle landen net zo klein zijn als Nederland. Over het persoonlijk naar Abidjan moeten kreeg ik de vraag waarom dat nou zo moeilijk was. Ik vroeg of ze wel eens op de kaart gekeken hadden. Nee, dat hadden ze niet."
De ironie is, zegt Geschiere, dat "de uitwisselingsprogramma’s vaak betaald worden door het ministerie van Onderwijs of Ontwikkelingssamenwerking. En vervolgens worden ze in de wielen gereden door een andere arm van de Nederlandse overheid."

Onbeschoft
Pauline Burmann, bestuurslid van de Thami Mnyele Stichting, ook in Amsterdam, wijdt bijkans al haar vrije tijd aan het organiseren van internationale uitwisselingen en tentoonstellingen van beeldende kunstenaars. De Thami Mnyele Stichting, genoemd naar de tijdens de apartheid vermoorde kunstenaar, stelt al sinds 1993 Zuid-Afrikaanse kunstenaars in de gelegenheid een tijdje te komen werken, wonen en tentoonstellen in Nederland. "We hebben er sinds die tijd meer dan dertig gehad. Ze hebben allemaal succesvolle tentoonstellingen gehad, en zijn opgenomen in de internationale pool van baanbrekende moderne kunstenaars. Maar onze uitwisselingen en tentoonstellingen gaan de laatste tijd soms gewoon niet door, want het uitgenodigde talent komt ons land niet meer in."
Burmann geeft het voorbeeld van een Ghanese kunstenaar die door de Nederlandse ambassade in Ghana om bankafschriften werd gevraagd. De man had zelf geen bankrekening, maar wel een oom die geld op de bank had. "In de veronderstelling dat men wilde weten of er in Ghana wel goed voor hem gezorgd werd, zodat hij na zijn stage in Nederland braaf weer terug zou gaan, liet die man het bankafschrift van zijn oom zien. PAF. Dat was FRAUDE. Zwart stempel. Nu komt hij helemaal nooit Nederland meer in."
En dan was er de schilder uit Malawi, die na een succesvolle stage in Nederland met een tentoonstelling in de fameuze De Paviljoens in Almere, afreisde naar Londen. Daar kreeg hij te horen dat er wegens groot succes in Nederland een nieuwe tentoonstelling van hem werd georganiseerd. Maar hij mocht niet vanuit Londen terug naar Amsterdam. "Die moest eerst weer naar Malawi, daar een visum aanvragen en vandaar weer terug", aldus Burmann. "En daar was geen geld voor." Ze klaagt over de toon van de communicatie met de overheid, in haar geval het ministerie van Justitie. "Zo onbeschoft, daar lusten de honden geen brood van."

Angst
Carolien Bakker van de Stichting Internationale Culturele Activiteiten (Sica) verwijst droef naar het motto van het Nederlandse internationale cultuurbeleid, dat ‘Nederland Vrijhaven’ luidt. "Nederland moet zich qua kunst internationaal met de top kunnen meten. Maar dat wordt op twee fronten tegengewerkt. In de eerste plaats door het ministerie van Justitie, dat voor iedereen die langer dan vier weken blijft een werkvergunning wil zien. In de tweede plaats zijn het de ambassades, die zelf beslissen over korte bezoeken. Daar begint de narigheid meestal al." Ze verzucht: "Je hebt een dagtaak aan al die regelingen. Om van de audities maar te zwijgen." Audities? "Ja, die verplichte audities voor Nederlandse en Europese kunstenaars, die Justitie van ons eist voordat we een beroemdheid van buiten de EU mogen uitnodigen."
Bert Holvast, directeur van de Nederlandse Federatie van Kunstenaarsverenigingen (NFKV), benadrukt dat deze eis onzinnig is: "Daar waar het gaat om een kleine pool, leidt de verplichting van sollicitatiegesprekken met Nederlandse musici of dansers tot tijdrovende fake-procedures." Holvast wijt de problemen aan ‘een ouderwets migratiedenken’. "Het Nederlandse beleid in deze stamt uit de tijd van de immigratie van buitenlandse arbeiders, en is gebaseerd op de angst dat zulke mensen uiteindelijk in de WW of de bijstand komen. Recent komt daar de angst voor de terrorist bij. Er is geen plaats voor het idee dat er ook wel eens buitenlanders zijn aan wie Nederland iets hééft, qua kennis- en talent, of dat nu in het bedrijfsleven is, de wetenschap, het onderzoek of de cultuur." Holvast haalt er een kop bij uit een recent nummer van het Financieel Dagblad. ‘Nederland verliest strijd om talent’, staat er. "Duidelijker kan ik het niet zeggen."
Maar er zijn lichtpuntjes. Sinds 2002 zijn er gesprekken over de visumproblemen tussen kunstenaarsorganisaties en overheid in de zogeheten Projectgroep Kunstenaars en Visa. Bert Holvast: "Er is nu langzaam een besef aan het ontstaan dat we een beleid nodig hebben voor de zogeheten kennis- en innovatiemigratie." Desondanks is het idee dat je iemand kunt beoordelen op zijn of haar inhoud, en niet op het inkomen, nog niet echt doorgedrongen tot de ministeries, concludeert Holvast.
Evenmin, zo lijkt het, tot de Nederlandse ambassade in Pretoria. De Zuid-Afrikaanse onderzoeksjournalist Justin Arenstein, voorzitter van het Forum for African Investigative Reporters (FAIR), ondervond dat toen hij in Amsterdam voor een conferentie werd uitgenodigd door NiZA. "Ik moest financiële details overleggen die de gebruikelijke eis – laat zien dat je zelf voor je verblijf en terugreis kunt betalen – ver overstegen. Ze wilden mijn bankafschriften zien. Die vallen onder de privacywetgeving. Dat soort gegevens is niet eens toegankelijk voor mijn eigen overheid. Geen haar op mijn hoofd die eraan dacht ze te verstrekken aan een buitenlandse mogendheid."

Buitengewoon klantvriendelijk
Op de vraag waarom er in zo’n geval niet even met de uitnodigende instantie in Nederland gecheckt wordt of de visumaanvrager inderdaad kosher is, reageert het hoofd van de consulaire afdeling in Pretoria, George van der Velden, in eerste instantie wat geprikkeld. "Hoor eens, dat we een compleet dossier moeten hebben – een basispakket van een retourkaartje, voldoende geld voor verblijf, verzekering en een uitnodigingsbrief – geldt voor iedere aanvrager. Je kunt niet even wat vriendjes in Nederland bellen en dan een voorkeursbehandeling verwachten."
Wat vindt hij van de klacht van uitgenodigde visumaanvragers dat er bovenop het basispakket ‘onmogelijke’ extra eisen worden gesteld, zoals originele verzekeringspolissen die vanuit Nederland overgevlogen moeten worden? "Nou, de aanvragers overdrijven soms ook, hoor. Laatst was er iemand die rondvertelde dat hij de ambassade uit was geschopt. Dat was helemaal niet waar. Onze mensen zijn buitengewoon klantvriendelijk. Wij accepteren ook gefaxte polissen. In Kameroen kan ik me wel voorstellen dat er zwaardere eisen worden gesteld. Dat is nu eenmaal een hoogrisicoland. Dat wil zeggen, er is daar een relatief hoog percentage visumaanvragers dat de boel belazert."
Van der Velden gelooft niet dat er bij de loketten van de visumdienst een angstbeeld bestaat van de Grote Gevaarlijke Zwarte die met alle geweld bij de Nederlandse grenzen vandaan gehouden moet worden. In het geval van een uitgenodigde kunstenaar, journalist of academicus, zegt Van der Velden, valt wel degelijk te praten. "Natuurlijk, als wij het idee hebben dat deze persoon gekend wordt, dan checken wij even met onze handels- of culturele afdeling. Natuurlijk helpt dat."
De Projectgroep Kunstenaars en Visumplicht heeft de Nederlandse overheid voorgesteld om het de ambassades in dit opzicht makkelijker te maken, door een lijst ‘betrouwbare Nederlandse uitnodigende instanties’ op te stellen. "Idealiter zou een ambassade de twijfel en de daaraan verbonden extra eisen laten vallen bij visumaanvragers die een uitnodiging laten zien van een dergelijke instantie", reageert Van der Velden. "Natuurlijk mag of moet een ambassade dan wel nagaan of die uitnodiging echt is en niet vervalst." Een Nederlands visum is immers, zoals Pretoria’s ambassadewoordvoerder Fred de Bruin het in de voorbereiding van dit artikel beeldend samenvatte, "natuurlijk geen reep chocola.”
 
Evelien Groenink
 



<< to Magazine


more images for
Een visum is geen reep chocola: fotofotofotofoto
SPECIAL: ZAM - voorjaar 2006
Tegen de misleiding!
Wie in het Westen een onverbiddelijke...

Totale onthouding
Gebruik van condooms helpt aids te...

Afrikaanse opera zoekt eigen gezicht
Princess Magogo komt naar Nederland!...


More in Southern Africa:
Three new ASC publications
Late 2006 three new Research Reports have been published by the African Studies...


Currently in the magazine:
Julidans - South African choreographer and dance company from Senegal
"At the same time we were pointing a...

Coup Fatal- uitbundige muziektheatrale ode aan de ‘sapeurs’ van Kinshasa (Congo)
Van 16 t/m 18 juni presenteert het...

Manecas Costa - alsnog in Nederland - win vrijkaarten
Manecas Costa, zanger, componist en...

Online expositie Afrika-foto's Frits Eisenloeffel
Sinds begin februari 2014 staat op de...

Auteur Helon Habila over Olie op water - korting voor bezoekers Africaserver
Op woensdag 19 februari komt de...

Samen door Mandela: Zondag 15 december 2013 Stadsschouwburg en de Melkweg, Amsterdam
‘Samen door Mandela’ wil met u...


Sites for this article:
Southern Africa
hyperlinks index Africaserver


Processed by Apache Cocoon 2.1.7 in 237 milliseconds.